Metamorfosen: Krachtenbundeling Rijksmuseum en Galleria Borghese

Het Rijksmuseum opent op 6 februari 2026 de tentoonstelling ‘Metamorfosen’. De tentoonstelling laat zien hoe het werk van de Romeinse dichter Publius Ovidius Naso kunstenaars door de eeuwen heen heeft beïnvloed. In Amsterdam zijn tot en met 25 mei ruim tachtig kunstwerken te zien, afkomstig uit musea en particuliere collecties uit binnen- en buitenland waaronder de wereldberoemde Galleria Borghese.

Ovidius schreef ‘Metamorfosen’ rond het jaar 8 na Christus. Het epos bestaat uit vijftien boeken met meer dan tweehonderd mythische verhalen. Steeds draait het om verandering: goden en mensen nemen andere gedaanten aan en veranderen bijvoorbeeld in dieren, planten of steen. Het verhaal begint bij de schepping van de wereld en eindigt met de vergoddelijking van Julius Caesar.

Het werk werd al vroeg een belangrijke bron voor kunstenaars. De verhalen bevatten herkenbare figuren en duidelijke scènes die zich goed laten afbeelden. Vanaf de late middeleeuwen, en vooral tijdens de renaissance, werd er veel gebruik van gemaakt door schilders en beeldhouwers. In 1604 noemde de Vlaamse schilder en schrijver Karel van Mander het boek in zijn ‘Schilder-boeck’ een ‘Bijbel voor kunstenaars’.

In de tentoonstelling komen verschillende bekende verhalen uit ‘Metamorfosen’ aan bod. Zo is er aandacht voor Arachne, die door de godin Minerva in een spin wordt veranderd. Ook worden de gedaantewisselingen van Jupiter belicht, die zich vermomt om stervelingen te benaderen, onder meer als stier, zwaan of als een regen van goud. In deze verhalen spelen liefde, geweld, bedrog en machtsmisbruik een centrale rol.

Een bijzonder onderdeel is de levensgrote bronzen ‘Perseus met het hoofd van Medusa’ van de Nederlandse beeldhouwer Hubert Gerhardt, die voor het eerst samen wordt gepresenteerd met het model van Cellini’s ‘Perseus’.

Te zien zijn onder meer Titiaans ‘Danaë’, Caravaggio’s ‘Narcissus’ en beeldhouwwerken over het verhaal van Pygmalion, waaronder een marmeren beeld van Auguste Rodin naast een geschilderde versie van Jean-Léon Gérôme. Ook worden drie samengestelde portretten van Arcimboldo getoond. Een bijzonder onderdeel is de levensgrote bronzen ‘Perseus met het hoofd van Medusa’ van de Nederlandse beeldhouwer Hubert Gerhardt, die voor het eerst samen wordt gepresenteerd met het model van Cellini’s ‘Perseus’.

De tentoonstelling is tot stand gekomen in samenwerking met de Galleria Borghese in Rome. Dit museum is gevestigd in de Villa Borghese, een zeventiende-eeuwse stadsvilla die tussen 1609 en 1613 werd gebouwd in opdracht van kardinaal Scipione Borghese. De villa diende als privéverblijf en als tentoonstellingsruimte voor zijn kunstcollectie. Veel werken werden speciaal voor hem gemaakt en maken nog altijd deel uit van dezelfde verzameling. Tegenwoordig is de villa een openbaar museum met een vaste collectie die geldt als een van de belangrijkste van Italië.

Dat de Galleria Borghese op deze schaal samenwerkt met het Rijksmuseum is uitzonderlijk. Het museum leent zelden topstukken uit, mede vanwege de kwetsbaarheid van de collectie en het belang van de oorspronkelijke context. Voor ‘Metamorfosen’ zijn desondanks meerdere belangrijke werken beschikbaar gesteld. De tentoonstelling is tot en met 25 mei 2026 te zien in het Rijksmuseum en reist daarna in aangepaste vorm door naar Rome, waar zij van 22 juni tot en met 20 september 2026 wordt getoond.

FOTOGRAFIE: Links (mobiel: bovenaan) – Michele Tosini, Leda, ca. 1560–70. Galleria Borghese, Rome. Hierboven (mobiel: daaronder) – Hendrick Goltzius, De slapende Danaë wordt gereedgemaakt voor Jupiter, 1603, Los Angeles County Museum of Art, Giuseppe Arcimboldi, Keizer Rudolf II als Vertumnus, 1590. Statens historiska museer – Skokloster Slott, inv.nr. 11615, Louis Finson, Chaos of De strijd van de vier elementen, 1611. Sarah Campbell Blaffer Foundation, The Museum of Fine Arts, Houston.